De perikelen rond de staatsschulden van eurolanden hebben niet alleen
aandelenmarkten een flinke tik gegeven. Ook olieprijzen zijn sinds eind
april fors gedaald, uit vrees voor vraaguitval als overheden fors gaan
bezuinigen.

De prijsdaling van benzine was de afgelopen weken een stuk minder
spectaculair. Wie het rijtje met prijsbepalende factoren naloopt, vindt
echter geen bewijs voor stiekeme acties van oliemaatschappijen om de
pompprijs kunstmatig hoog te houden.

1) Ruwe olie
Ruwe olie, de grondstof voor motorbrandstoffen zoals benzine, diesel en
kerosine, wordt in dollars verhandeld. De prijsdaling van Noordzee-olie
bedroeg de afgelopen weken 18 procent in dollars.

Door de daling van de euro is de inkoop van olie echter duurder geworden. Voor
dezelfde hoeveelheid olie ben je in euro’s meer kwijt. De olieprijsdaling in
euro’s is hierdoor minder krachtig geweest, te weten zo’n 14 procent. Zie de
grafiek: Ruwe
olie in dollars en euro’s.

2) Raffinage
Prijzen van motorbrandstoffen die uit de raffinaderij komen, volgen de ruwe
olieprijs niet één op één. Benzinevoorraden in Rotterdam, de VS of Singapore
kunnen bijvoorbeeld tijdelijk wat hoger of lager zijn, en dat heeft gevolgen
voor de prijzen van geraffineerde producten.

Kijk je naar de groothandelsprijzen van benzine die uit raffinaderijen in
Rotterdam en Antwerpen komt, dan is sinds 23 april sprake van een
prijsdaling van zo'n 12 procent in euro's. Iets minder dus dan de daling van
de ruwe olieprijs.

3) Pompprijs
Gegevens over daadwerkelijke, gemiddelde tankkosten in Nederland worden veelal
op maandbasis gepubliceerd. Shell houdt voor de eigen tankstations wel op dagbasis
prijzen bij. Die tonen een gemiddelde prijs bij Shell-stations van 1,50 euro
voor Shell FuelSave Euro 95 per 23 april, een stijging tot 1,53 per 5 mei en
een daling tot 1,47 euro per liter per 23 mei.

In het maandelijkse overzicht van tankcard-bedrijf Travelcard zit Shell met de benzineprijs
per april
op een gemiddelde van 1,52 euro per liter. Texaco is de
duurste met een pompprijs van gemiddeld 1,54 euro per liter, Tango de
goedkoopste met 1,48 euro per liter.

Uitgaande van de prijsdaling van zes eurocent per liter bij Shell in de
afgelopen weken, komt dit neer op een daling van de pompprijs van 3,9
procent.

4) Belastingen
Bij een vergelijking van de pomprijs met de prijsdaling van ruwe olie en
geraffineerde producten, moet het belastingeffect worden meegenomen. Zo'n 68
procent van de benzineprijs bestaat uit belastingen. Een daling of stijging
van de groothandelsprijs van benzine of ruwe olie werkt dus maar voor
ongeveer een derde door op de pompprijs. Zie ook: Van
ruwe olie naar pompprijs

Neem je dit effect mee, dan zou de daling van de ruwe olieprijs met 14 procent
moeten leiden tot een daling aan de pomp met zo'n 4,48 procent. Een daling
van 12 procent van de groothandelsprijs van benzine komt hierbij overeen met
een 3,8 procent lagere pompprijs. Dat is aardig in lijn met de feitelijke
ontwikkeling van benzineprijzen.

Lees ook:

'Olieconcerns zetten pomphouder onder druk'

Benzine duurder, diesel stijgt beetje

Inflatie hoger door benzine

Zuinig rijden in 2010 nog verder beloond

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op z24.nl